Vinden

Top Transport - Maritiem - Coronastorm slaat havens niet uit koers

De Belgische havens zijn het coronajaar 2020 met uiteenlopende resultaten maar in de regel zonder grote kleerscheuren doorgekomen. De pandemie trof de havens uiteindelijk minder zwaar dan de financiële crisis. Er vielen zelfs nog een handvol records. (Jean-Louis Vandevoorde)

Bij het begin van de eerste coronagolf in maart was de vrees voor een zware terugval groot. Allard Castelein, de topman van de haven van Rotterdam, sloot een terugval van de volumes met 10 à 20% over het hele jaar niet uit. Maar uit de halfjaarlijkse resultaten bleek al dat het meeviel. Het tweede semester zou nog wat meer soelaas brengen. Die trend zette zich in vele havens door, onder meer omdat de havens het bloeden in de ene sector vaak deels konden stelpen met herstel in een andere. Het coronadal bleek uiteindelijk soms wel diep maar doorgaans minder breed dan eerst gedacht.

Antwerpen

Voor Antwerpen bracht 2020 een eind aan een reeks van zeven opeenvolgende records. De totale overslag bleef steken op 230,86 miljoen ton, een daling met 3,1%. Zware verliezen in de droge bulk (-17% naar 11,6 mln t), het conventioneel stukgoed (-20,6% naar 6,6 mln t) en het roroverkeer (-9,4% naar 4,64 mln t) trokken de Scheldehaven omlaag. Maar de twee belangrijkste goederenstromen deden het zo slecht nog niet: van de natte bulk (69,0 mln t) vloeide maar 4,2% weg en de containertrafiek (139,02 mln t en 12,02 miljoen teu) slaagde er zelfs in om nog een minieme winst van 0,2% in volume en 1,4% in teu te boeken. Dat leverde een nieuw record op in die sector, waarvan het aandeel in de totale Antwerpse overslag naar 60% klom.

Het belette niet dat de sprong vooruit van de twee voorafgaande jaren (van 223 naar 238 mln t) van het bord werd gewist. Maar Antwerpen kon zich troosten met de vaststelling dat het beter presteerde dan grote rivaal Rotterdam. De Nederlandse buur verloor zowel in totaal (-6,9% naar 436,81 mln t) als in containers (-1,2% naar 151,06 mln t en -3,2% naar 14,35 mln teu) terrein… maar blijft een heus maatje groter.

Zeebrugge

Zeebrugge was internationaal een uitschieter. Hoewel de roro- trafiek met 14,2% omlaag dook naar 14,2 mln t en de autotrafiek (2,2 miljoen nieuwe wagens) 26% moest inleveren, sloot de kusthaven het jaar af met een nieuwe groei van 2,7% tot 47 miljoen ton. De twee andere grote stromen zaten op winst: de containers gingen er 10,3% op vooruit naar 18 mln t en de vloeibare bulk met 16,5% naar 12,6 mln t. Dat laatste was te danken aan de fors aanzwellende gasbel: die piekte op 11 mln t, bijna de helft meer dan in 2019. In 2017 stond de gasteller op een zeer magere 1,03 mln t. Het spreekt boekdelen over de come-back van Zeebrugge in de lng-sector.

Aan de puike jaarprestatie van Zeebrugge zat een randje: eind maart zat de kusthaven op een plus van 34,4% en leek een nieuw absoluut jaarrecord in het verschiet. Elk nieuw kwartaal bracht meer dan een halvering van die voorsprong op 2019. Maar zowat elke haven zou voor het resultaat van Zeebrugge getekend hebben.

Gent

De zwaarste tik onder de grote Belgische zeehavens was voor Gent. North Sea Port keek in zijn Belgisch deel aan tegen een stevige krimp van 10,4% naar 29,10 miljoen ton. De daling in Gent was toch iets minder uitgesproken dan die voor de Belgisch-Nederlandse fusiehaven in zijn geheel (-11,2% naar 63,45 mln t).

Vooral de terugval van de vloeibare bulk (-26,1% naar 4,55 mln t) en bij het conventioneel stukgoed (-14,2% naar 3,10 mln t) liet zich voelen. De droge bulk, de hoofdmotor van de Gentse havenbedrijvigheid, hield beter stand (-5,5% naar 19,12 mln t), net als de rorotrafiek (-7,7% naar 1,97 mln t). De containers gingen er opnieuw op vooruit (+3,8% naar 0,36 mln t), maar hun aandeel in het Gents totaal blijft vooralsnog zeer beperkt.

Contrast met 2009

Voor de drie grote Vlaamse zeehavens was één van de conclusies alvast dat het coronajaar niet op een ramp uitdraaide. Zelfs waar een daling zich voordeed, bleven de havens op een vrij hoog toerental draaien. Zeebrugge haalde zijn tweede hoogste peil ooit, Antwerpen kende het derde beste jaar in zijn geschiedenis. Zelfs Gent handhaafde zich na drie jaren boven de 30 miljoen ton op een historisch hoog peil, met zijn vijfde beste prestatie, bijna ex aequo met 2016 (29,11 mln t).

De financiële crisis sneed in 2009 veel dieper: Antwerpen verloor toen bijna 17% van zijn maritieme trafiek en Gent 23%. Zeebrugge ontsprong ook in die periode de Europese dalingsdans met een stijging (voor een groot deel dankzij – opnieuw – het opveren van de gastrafiek).

Zeebrugge stoomde daarna door naar een absoluut record van 49,60 miljoen ton in 2010. Gent deed datzelfde jaar al beter dan in 2008. Antwerpen had iets meer tijdig nodig om uit het dal te kruipen maar reeg daarna het ene record aan het andere. Het herstel zou ook ditmaal relatief snel kunnen komen, als de coronacrisis niet opnieuw oplaait en de brexitperikelen en andere internationale handelsconflicten niet te veel roet in het eten strooien. De havens tonen zich hierover voorzichtig optimistisch.

Oostende, Luik, Brussel

De drie andere havencomplexen die de Nationale Bank meeneemt in zijn jaarlijkse weging van het economisch belang van de havens zaten in hetzelfde schuitje als hun grotere broers. Oostende was het jaar goed gestart, maar zag de trafiekcurve door de corona-

crisis omlaag knikken. Het jaar eindigde op 1,49 miljoen ton, een min van om en bij de 6%. Brussel moest vrede nemen met een daling van 5,3% voor zijn eigen trafiek, die na twee topjaren vertraagde naar 4,95 mln t. Luik, de derde grootste Europese binnenhaven, had het een pak moeilijker. Via de waterweg laadde of loste Luik 13,98 miljoen ton, hetzij 12% minder dan in 2019. Dat de containers nog maar eens omhoog schoten (+20% naar 115.920 teu), kon die val alleen maar afremmen.

Economisch belang

Dat de havens het al bij al niet te hard te verduren kregen, was goed nieuws. Volgens ramingen van de Nationale Bank tekenden de zes havens in 2019 voor 19,82 miljard euro aan directe toegevoegde waarde (+4,3%) en 119.800 voltijdse equivalenten aan directe werkgelegenheid (+1,4%). Directe en indirecte effecten opgeteld lag hun aandeel in 2018 op 7% van het bbp (met 32,1 miljard euro toegevoegde waarde) en 5,9% van de nationale tewerkstelling (met 249.610 vte).

Hun gezamenlijke goederenoverslag via het water (langs maritieme weg voor de Vlaamse zeehavens, via de binnenvaart voor Brussel en Luik) waste in 2019 met 2,6% aan tot 339,19 miljoen ton. De optelsom van de trafiekcijfers levert voor 2020 een totaal van 327,39 miljoen ton op, een verlies van 3,5%. De Nationale Bank moet nog uitrekenen hoe de toegevoegde waarde en de tewerkstelling vorig jaar evolueerden.


Fusie Antwerpen-Zeebrugge verzet bakens in havenlandschap

Het belangrijkste havennieuws van het jaar viel wellicht begin februari al: Antwerpen en Zeebrugge gaan fuseren. Tegen eind dit jaar moeten alle lichten op groen staan om het schip Port of Antwerp Bruges van stapel te laten lopen. Zo ontstaat een haven die goed is voor 278 miljoen ton maritieme overslag, 1.300 bedrijven en ruim 73.500 rechtstreekse banen, meer dan 20,5 miljard euro toegevoegde waarde en zo maar eventjes 4,5% van het Belgisch bbp.

De complementariteit tussen beide havens is torenhoog. Antwerpen staat in verbinding met de vijf continenten, is een topspeler in het containerverkeer en een grootmacht in vloeibare bulk en breakbulk, en huisvest een chemische hub van wereldformaat. Zeebrugge staat beresterk in het intra-Europees shortseaverkeer, rijdt op kop als autohaven, verzet een enorme rorotrafiek en tekent voor meer dan 15% van de gasdoorvoer in Europa.

Synergieën zijn iets verder te zoeken, al was het maar omwille van de geografische afstand. Maar de twee partners willen samen aan de weg van digitalisering, innovatie en energietransitie timmeren. In dat laatste luik zien ze heel wat potentieel in de interactie tussen de Antwerpse industriële cluster en de Zeebrugse energiehub, met de waterstofeconomie als hefboom. Beide havens rekenen erop dat hun krachtenbundeling hen zowel individueel als gezamenlijk een sterkere internationale positie oplevert en zal bijdragen tot hun rol als economische motor.

De machtsverhoudingen zijn wel duidelijk. Van een merger of equals zoals bij het samengaan van Gent en Zeeland Seaports in 2017 is geen sprake. In de nv van publiek recht zal Stad Antwerpen 80,2% in handen hebben, Stad Brugge 19,8%. De maatschappelijke zetel komt in de Scheldestad. Het Antwerpse kamp levert met Jacques Vandermeiren en Annick De Ridder ceo en voorzitter van de raad van bestuur. Die raad van twaalf zal zes Antwerpse vertegenwoordigers tellen, mogelijke onafhankelijke leden uit de Scheldestad niet meegerekend.

Het kon moeilijk anders: op zowat elk vlak weegt Antwerpen vele malen zwaarder dan Zeebrugge. In die mate dat zelfs geen poging is gedaan om voor de fusiehaven een nieuw logo te bedenken. Dat van Antwerpen krijgt gewoon een Brug(e)s verlengstuk. De naam Zeebrugge verdwijnt.


Binnenvaartland met twee snelheden

Op de waterweg gingen Vlaanderen en Wallonië vorig jaar heel andere richtingen uit. In Vlaanderen zakte de trafiek op het net van De Vlaamse Waterweg wel, maar die daling bleef beperkt tot 1,7% en het eindtotaal van 69 miljoen ton lag al bij al niet zo ver af van het record van 72,1 miljoen ton in 2018. In Wallonië draaide 2020 helemaal anders uit. De binnenvaart zonk 14,1% lager, van 39,13 naar 33,64 miljoen ton, het laagste peil sinds 1997. De structurele krachten die al langer een rem zetten op de Waalse trafiek over het water, lijken samen met het coronavirus voor een zeer toxische cocktail gezorgd te hebben. Wallonië staat ver af van het record van 45,16 miljoen ton dat het in 2004 haalde.

Eén ding hadden Vlaanderen en Wallonië wel gemeen: in beide landsdelen klom de containertrafiek over de waterweg opnieuw fors hoger. In Vlaanderen was sprake van een stijging met bijna 11% naar bijna 985.000 teu. Het overgrote deel daarvan (bijna 700.000 teu) is op naam van het Albertkanaal te schrijven. Wallonië deed het procentueel nog een pak beter: de containeroverslag in de Waalse binnenhavens klom liefst 29% hoger naar 151.250 teu. Het volstond echter niet om het dalende tij op de Waalse waterwegen te keren.


Dit artikel is verschenen in Top Transport die beschikbaar is in pdf.

Interesse in een sectoranalyse?

De SectorTop is een analyse van de 50 grootste ondernemingen uit een specifieke sector. U krijgt rankings en grafieken voor 30 kerncijfers en ratio's op het vlak van rentabiliteit, solvabiliteit, liquiditeit en toegevoegde waarde. Nadien nemen we elk bedrijf afzonderlijk onder de loep, met de individuele trend per kerncijfer en mediaan van de sector. Info en bestellen

Terug
Inschrijven nieuwsbrief Uw advertentie in onze nieuwsbrief?
Infotheek
Prijzenobservatorium - Jaarverslag 2020

Prijzenobservatorium - Jaarverslag 2020
 

Zorgplicht

Zorgplicht

RVA - Jaarverslag

RVA - Jaarverslag 2020

 

Wetstraat
Recht op klein verlet bij toediening vaccin tegen Covid-19

Wet houdende toekenning van een recht op klein verlet voor werknemers met het oog op het toegediend krijgen van een vaccin ter bescherming tegen het coronavirus Covid-19 - BS 9 april, p. 31.925

Evenredigheidsbeoordeling bij beroepsreglementering in gezondheidssector

Wet betreffende een evenredigheidsbeoordeling voorafgaand aan de invoering of de wijziging van een beroepsreglementering in de gezondheidssector - BS 9 april, p. 31.932
 

Antigeen- en zelftesting

Wet inzake antigeen- en zelftesting - BS 7 april, p. 31.776