Vinden

Top ICT - Hardware - Lichtpuntjes in tijden van corona

Bij alle onvoorziene ellende bracht het coronavirus voor de ICT-sector toch ook enkele positieve ontwikkelingen met zich mee. Zo zette de digitalisering zich in veel organisaties alsnog versneld door, al was het maar om thuiswerk te faciliteren. De cloud won zo mogelijk nog aan aantrekkingskracht. En de pc – helemaal terug van nooit echt weggeweest – maakte in 2020 zowaar een kleine comeback. (Dries Van Damme)

In een jaar waarin thuiswerk en e-learning zowat uitgroeiden tot de norm, hadden vooral pc’s en cloudservers de spreekwoordelijke wind in de zeilen. De sterke vraag naar pc’s, waarover verder in dit artikel meer, kwam niet enkel van bedrijven maar opmerkelijk genoeg ook van consumenten.

Hyperscalers zetten toon in servermarkt

De sterke vraag naar servers kwam dan weer van een handvol grote cloudspelers, de zogenoemde hyperscalers, met klinkende namen als Google, Microsoft en Amazon. Die waren volgens onderzoeksbureau Gartner goed voor meer dan 65% van de totale servervraag in 2020. Met name in de eerste jaarhelft haastten zij zich om capaciteit aan hun datacenters toe te voegen, om zo te kunnen voldoen aan de extra vraag tijdens lockdowns.

Die evolutie is op zich niet nieuw: hyperscalers zijn al jaren verantwoordelijk voor het gros van de groei in de servermarkt, terwijl de vraag bij kleinere bedrijfsklanten min of meer stagneert. Zo valt ook te verklaren waarom die markt, ondanks de stijgende vraag van de grote cloudleveranciers, in zijn geheel licht blijft krimpen.

Hybride landschap

Tegelijk lijken bedrijven ook niet gauw geneigd om al hun eieren in die ene cloudmand te leggen, hoe hip en aantrekkelijk dat vandaag ook is. Het eigen, on-premise (lees: lokale) datacenter wordt weliswaar kleiner, maar helemaal zonder kunnen de meeste bedrijven nog niet. De algemene verwachting is dat zware, bedrijfskritische toepassingen als ERP niet zo snel uit het centrale datacenter verdwijnen.

Ook in 2020 gaven de meeste bedrijven in de praktijk daarom de voorkeur aan een hybride aanpak. Wat concreet neerkomt op een weloverwogen mix van hun on-premise infrastructuur met één of meer publieke clouds. Het is een mix die bedrijven steeds vaker ook aanvullen met een luik voor edge computing. Naast de aard van de data en hun al dan niet bedrijfskritische of strategische karakter kunnen ook factoren als de locatie van de data of het datavolume bepalend zijn voor de uiteindelijke keuze van een bedrijf.

Extra materiaal op maat van thuiswerkers

Door corona zijn bedrijven het voorbije jaar massaal op thuiswerk overgeschakeld. Dat was in onze contreien niet anders. En ook bij ons ging die plotse, onverwachte omschakeling gepaard met nieuwe en bijkomende investeringen in ICT. Dat blijkt overduidelijk uit het jaarlijkse marktonderzoek van Beltug, de grootste Belgische vereniging van ICT-beslissers. Dat onderzoek focust op grote organisaties met meer dan 200 werknemers. Bij bijna de helft (46%) van de ondervraagden uit die doelgroep noteerde Beltug stijgende ICT-investeringen. Bij zowat een derde (32%) bleven de ICT-uitgaven stabiel.

Dat ICT in het algemeen belangrijker wordt, zal niemand verbazen. Veelzeggender zijn de technologiedomeinen die het afgelopen jaar het meest aan belang hebben gewonnen: netwerken, beveiliging en online samenwerkingstools. Ook daaruit blijkt opnieuw de impact van de massale adoptie van thuiswerk onder invloed van de coronapandemie. Meest opvallend blijft uiteraard de hoge vlucht die online samenwerkingstools hebben genomen: niet minder dan 99% van de grote organisaties maakt vandaag gebruik van softwareplatformen als Microsoft Teams. Een duidelijke meerderheid (56%) investeerde ook in aangepaste hardware voor thuiswerkers, zoals (extra) computerschermen en koptelefoons of was op het moment van de enquête van plan om dat te doen.

Het tweesnijdende zwaard van corona

Al die extra investeringen in ICT voor het thuiskantoor konden helaas niet verhinderen dat de ICT-uitgaven in het algemeen toch een terugval kenden in 2020. Dat was aan het begin van de corona- crisis ook al enigszins de verwachting geweest, om eerlijk te zijn. Uiteindelijk noteerde Gartner voor 2020 een uitgavendaling van 3,2% op wereldschaal.

De maatregelen om de coronapandemie in te dijken, van sociale- afstandsregels tot lockdowns, moeten we daarbij zien als een tweesnijdend zwaard. Enerzijds verzwakten of verhinderden ze de normaal voorziene ICT-uitgaven. Ineens moesten CIO’s immers absolute voorrang geven aan allerlei onvoorziene investeringen in technologie en diensten die hun organisaties als essentieel of bedrijfskritisch beschouwden. Anderzijds zorgden diezelfde maatregelen ook voor een ongekend snelle digitale transformatie van onze economie en samenleving. Die was nodig om de nieuwe sociale omgangsnormen te ondersteunen en te voldoen aan de plotse enorme vraag naar afstandswerk en -onderwijs. Die digitale versnelling temperde aldus tot op zekere hoogte het negatieve effect van de pandemie op de ICT-uitgaven.

Digitaal zakendoen

Voor 2021 liggen de kaarten alweer een stuk gunstiger. Om de wereldwijde ICT-uitgaven opnieuw op het niveau van 2019 te krijgen, wordt het wellicht nog wachten tot 2022. Maar de verwachting is wel dat de totale ICT-uitgaven dit jaar alweer stijgen. Nu de economie een zekere mate van stabiliteit herwint, investeren bedrijven opnieuw in ICT op een manier die in overeenstemming is met hun groeiverwachtingen, niet met hun huidige omzetniveau.

Digitaal zakendoen is daarbij de dominante technologietrend van het moment. Belangrijke aspecten daarvan zijn onder meer cloud computing en beveiliging. Bedrijven blijven dit jaar ook investeren in optimalisatie-initiatieven, zoals hyperautomatisering. De verwachting is dat digitaal zakendoen, gedreven door projecten die op korte termijn renderen, in 2021 meer budget en aandacht krijgt op directieniveau.

Opnieuw aanknopen met groei

Alle ICT-uitgavensegmenten zullen dit jaar naar verwachting opnieuw groeien. Met een stijging van 8,8% zou bedrijfssoftware volgens Gartner daarbij de sterkste inhaalbeweging maken, op de voet gevolgd door allerlei apparatuur of devices. Dat hardwaresegment zou een groei kennen van 8%. Dat is het resultaat van een combinatie van factoren. Doordat landen dit jaar het onderwijs op afstand voortzetten, zal er ook een zekere vraag blijven naar tablets en laptops voor studenten.

Net zoals bedrijven ook werk op afstand blijven organiseren, omdat quarantainemaatregelen nu eenmaal hun werknemers thuishouden. Om te overleven in een post-coronawereld waarin werken op afstand steeds meer aan belang zal winnen, zien bedrijven zich tot 2024 bovendien gedwongen om hun plannen voor digitale bedrijfstransformatie met ten minste vijf jaar te versnellen.

Pc-markt veert verder op

Kende de pc-markt in 2019 al een lichte groei van 0,6%, en dat voor het eerst sinds 2011, dan zorgde het atypische coronajaar 2020 hier helemaal voor een trendbreuk. Met 275 miljoen verkochte toestellen, goed voor een wereldwijde stijging van 4,8%, zette de pc-markt vorig jaar zijn sterkste jaarlijkse groeicijfer neer sinds 2010.

Opvallend genoeg was die verkoopstijging vooral te danken aan de consument. Nadat de dringende aankopen voor thuiswerk in de eerste helft van het jaar een piek bereikten, zwakten de uitgaven voor zakelijke pc’s in de loop van 2020 opnieuw af. Ook verder vielen er op de zakelijke pc-markt weinig echte verrassingen te noteren. Zo bezette Lenovo vorig jaar nog steeds de eerste plaats in de wereldwijde top drie van pc-leveranciers op basis van absolute verkoopcijfers, gevolgd door HP en Dell. De nummer vier van de markt, Apple, volgde op aanzienlijke afstand, maar zette in 2020 wel het sterkste groeipercentage neer.

Blijvende trendbreuk?

Tegenover een licht positieve tendens in de zakelijke pc-markt, stond in 2019 nog een tanende interesse voor de pc bij de consument. Niet zo in 2020 dus, en daar zit de coronapandemie uiteraard voor veel tussen. Vóór 2020 hadden consumenten hun focus onmiskenbaar verlegd naar de smartphone. Maar de pandemie keerde die trend in één klap om, constateert Gartner. De pc heeft vorig jaar zijn rentree gemaakt als een essentieel apparaat waarop consumenten, inclusief kinderen, vertrouwen om van thuis uit te werken, te studeren, sociale contacten te onderhouden en zich te ontspannen.

Die trendbreuk zal ongetwijfeld aanhouden in de eerste helft van dit jaar. Of ze ook van blijvende aard is, zal grotendeels afhangen van het gedrag van de consument na de pandemie. Loopt het online onderwijs straks gewoon door, zelfs nadat de scholen zijn geopend? Blijven we online boodschappen doen, ook als we weer gewoon kunnen winkelen? En zetten bedrijven het voltijds of deeltijds werken op afstand voort, ook als hun werknemers opnieuw onbezorgd naar kantoor kunnen komen? Pas als al die scenario’s behouden blijven, zal de pc definitief zijn weg terugvinden naar het dagelijkse leven van de consument als een essentieel apparaat.

Smartphonemarkt dooreengeschud

De verwachting was dat de coronacrisis de verkoop van smartphones zou vertragen. En die verwachting – of liever: die stille vrees – werd ook luide werkelijkheid. Gingen in 2019 nog ruim anderhalf miljard smartphones vlotjes over de toonbank, dan viel dat volume vorig jaar met 12,5% terug, tot onder de 1,4 miljard verkochte toestellen. Met name het Koreaanse Samsung kreeg een aanzienlijke verkoopdaling (-14,6%) te verwerken. Dat belette die marktleider echter niet om ook in 2020 zijn nummer 1-positie te behouden. Met een marktaandeel van 18,8% was bijna één op de vijf verkochte smartphones een Samsung-model.

Op het einde van de rit bleek de grootste verliezer Huawei. Ironisch genoeg stond die in 2019 nog te boek als de sterkste groeier in de smartphonemarkt. Sindsdien hebben de resultaten van die leverancier steeds meer te lijden onder de handelsoorlog tussen de VS en China. Met name het Amerikaanse verbod op het gebruik van Google-applicaties op nieuwe Huawei-toestellen speelt de Chinese zwaargewicht steeds meer parten. Dat verklaart uiteindelijk ook waarom Huawei in 2020 de hoogste verkoopdaling (-24,1%) in de topvijf van smartphoneleveranciers optekende. Op de koop toe moest het bedrijf dan ook zijn nummer 2-positie afstaan aan Apple.

Geholpen door de lancering van de 5G iPhone 12-serie veroverde Apple in het laatste kwartaal van 2020 zelfs even de eerste plaats in het klassement terug. Dat was al van het laatste kwartaal van 2016 geleden. Naast Apple (+3,3%) slaagde Xiaomi (+15,7%) als enige leverancier uit de topvijf erin om groei te realiseren. Samen met andere Chinese uitdagers, zoals OPPO en Vivo, zorgt Xiaomi voor meer en zwaardere concurrentie op de wereldmarkt.

Staat 5G garant  voor groei?

Kan de smartphonemarkt zich snel herpakken in 2021? Volgens de onderzoekers van Gartner in elk geval wel. Het bureau ziet de verkoop van smartphones het komende jaar met 11,4% toenemen, tot anderhalf miljard eenheden in totaal, om zo finaal het niveau van 2019 terug te benaderen. Veel zou daarbij afhangen van de stijgende vraag naar goedkope(re) 5G-toestellen, die de nieuwe generatie mobiel internet ondersteunen. Die toestellen zouden straks zowat 35% van de totale verkoop gaan uitmaken – of één op de drie smartphones. Ter vergelijking: in China zijn dit jaar al bijna twee op de drie smartphones (59,5%) klaar voor 5G. Naast de beschikbaarheid van die betaalbare 5G-smartphones zijn ook innovatieve functies, met name voor fotografie en beeldverwerking, doorslaggevende factoren voor eindgebruikers om hun bestaande smartphones alsnog te upgraden in 2021.

De introductie van 5G is trouwens ook één van de drijfveren voor bedrijven om hun systemen naar de zogenoemde edge te verschuiven. Anders gezegd: zij verleggen het gewicht van hun rekenkracht naar kleinere, lokale datacenters die zich, zoals de term zelf al aangeeft, aan de rand van het netwerk bevinden, dicht bij de toestellen en de gebruikers die met dat netwerk verbonden zijn. Daardoor is er geen of veel minder vertraging – in vaktermen: latency - bij de uitwisseling van grote datavolumes tussen toestellen en gebruikers, maar ook tussen toestellen onderling. In combinatie met de hogere datasnelheden die het 5G-netwerk mogelijk maakt, zorgt die lagere latency ervoor dat het Internet of Things (IoT) zijn belofte kan waarmaken door slimme apparaten efficiënt te laten samenwerken. Onderzoeksbureau IDC verwacht dan ook dat de opslag, verwerking en analyse van 40% van alle IoT-data naar de rand van het netwerk zal verschuiven.

Nuance

Was de verwachting begin 2020 nog dat de coronapandemie een negatieve impact zou hebben op alle markten voor eindapparatuur, dan kunnen we uit al het voorgaande toch besluiten dat het daadwerkelijke effect een stuk genuanceerder is.


Dit artikel is verschenen in Top ICT die beschikbaar is in pdf.

Interesse in een sectoranalyse?

De SectorTop is een analyse van de 50 grootste ondernemingen uit een specifieke sector. U krijgt rankings en grafieken voor 30 kerncijfers en ratio's op het vlak van rentabiliteit, solvabiliteit, liquiditeit en toegevoegde waarde. Nadien nemen we elk bedrijf afzonderlijk onder de loep, met de individuele trend per kerncijfer en mediaan van de sector. Info en bestellen

Terug
Inschrijven nieuwsbrief Uw advertentie in onze nieuwsbrief?
Infotheek
Belastingvoordeel voor de kwijtschelding van huur

Circulaire over het belastingvoordeel voor de kwijtschelding van huur

 

Rapport Rekenhof inzake fiscale regularisatie

Rapport van het Rekenhof inzake fiscale regularisatie

 

Niet-recurrente bedrijfsresultaatsgebonden voordelen

Niet-recurrente bedrijfsresultaatsgebonden voordelen - Een instrument om de werknemersprestaties te bevorderen

 

Wetstraat
Model aangifteformulier belasting van niet-inwoners

Koninklijk besluit tot vastlegging van het model van het aangifteformulier inzake belasting van niet-inwoners (vennootschappen, verenigingen, enz.) voor het aanslagjaar 2021 - BS 26 mei, p. 54.806
 

Aangifte formulier inzake rechtspersonenbelasting

Koninklijk besluit tot vastlegging van het model van het aangifteformulier inzake rechtspersonenbelasting voor het aanslagjaar 2021 - BS 26 mei, p. 54.793
 

Vastlegging model van formulier Wetboek van de inkomstenbelastingen

Koninklijk besluit tot vastlegging van het model van formulier als bedoeld in artikel 307, § 1/2, vierde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 - BS 3 mei , p. 41.979