Vinden

Top Bouw - Wonen - Corona accentueert belang goede woning

De ontdekking van het telewerken, de boost van de e-commerce en de doorbraak van het contactloos betalen: de coronacrisis blijkt een katalysator voor verandering. Maar zal het virus ook voor vernieuwing zorgen in onze woonwensen  en -behoeften? (Laurenz Verledens)

“Blijf in uw kot!”, gebood voormalig minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) bij het begin van de coronacrisis. Tijdens de eerste lockdown leerden veel mensen de beperkingen van hun kot kennen: te klein, geen of te weinig buitenruimte, niet geschikt voor het verplichte telewerken… Na die eerste lockdown volgde er een rush op vastgoed. ”De Belg gaat massaal op zoek naar een woning met een tuin”, klonk het bij de vastgoedmakelaars. Appartementen met een ruim terras lagen ook goed in de markt. Zijn die nieuwe wensen en noden inmiddels doorgesijpeld in de plannen van de woningbouwers? En zal corona ons woningpatrimonium blijvend veranderen? Drie woningbouwers/projectontwikkelaars laten hun licht schijnen op de woningmarkt post-corona: Stefan Hallez, general manager van Woningen Blavier, Toon Haverals, CEO van projectontwikkelaar LIFE.be en Luc Neefs, bestuurder van bouwgroep DCA. 

“Onze rol als projectontwikkelaar is in de loop der jaren sterk veranderd”, steekt Toon Haverals van wal. “En deze covidsituatie maakt dat nog duidelijker. Met alleen maar stenen te stapelen schiet je tekort. Wij moeten nadenken over hoe mensen willen leven en wonen. We zijn vandaag meer sociologen dan aannemers. Maar ik denk niet dat we fundamenteel anders zullen wonen door corona. Akkoord, vandaag hebben veel mensen de ambitie om wat ruimer te gaan wonen. En dan nog liefst in een woning met een eigen tuintje of een mooi privatief terras. Een beperkte groep – the happy few– zal die aangepaste woonwens ook wel kunnen realiseren. De grote meerderheid zal echter botsen op de economische realiteit. Dus we zouden nu wel kunnen zeggen dat we grotere appartementen gaan bouwen, maar dan vrees ik dat we over enkele maanden zullen moeten vaststellen dat de koopkracht een dreun heeft gekregen en dat een woning kopen voor veel mensen heel lastig is geworden.”

Toon Haverals merkt ook op dat de droom van een woning met een tuin nog op een andere realiteit botst: de open ruimte is – zeker in Vlaanderen en Brussel – schaars. De overheden zetten daarom in op kernversterking en verdichting. De facto beperkt dit ook het bouwpotentieel voor grondgebonden woningen. “We zullen dus op zoek moeten gaan naar volwaardige alternatieven voor het huisje-tuintje”, vervolgt Haverals.  “Wij geloven sterk in geclusterd wonen met tal van voorzieningen op wandelafstand. Liefst nog aangevuld met ruimten en faciliteiten binnen het project. In Luik realiseren we momenteel het colivingproject ARC met 230 wooneenheden. De toekomstige bewoners krijgen daar als aanvulling op hun eigen privatieve woningen toegang tot een fitness, coworking, skybar en zelfs een wellness. De laatste jaren is het besef gegroeid dat we niet alles moeten bezitten. Ik vrees dat we door corona nu wel een stapje achteruit zetten in die evolutie. Maar dat zal tijdelijk zijn.”

“Een andere oplossing is meer levenskwaliteit bieden op een beperkte ruimte, waardoor wonen toch betaalbaar blijft. Slimmer ruimtegebruik dus. Want elke vierkante meter die te weinig gebruikt wordt is een slechte vierkante meter. Wij zijn bijvoorbeeld afgestapt van het standaardgebruik om slaapkamers in de eerste lijn aan de gevel te leggen. Dat zijn immers dure vierkante meters. We denken ook na over hoe we het terras in de winterperiode intensiever kunnen gebruiken. Een terras dat je in de winter goed kunt afsluiten vergroot de leefruimte, waardoor je de eigenlijke leefruimte iets compacter kunt ontwerpen. En tegelijk laat het toe om een volwaardig terras, met plaats voor een grote tafel, te koppelen aan een compact appartement. Het is alleen jammer dat je met dergelijke oplossingen vaak botst op stedenbouwkundige regelgeving.”

“Mobiliteit is ook een factor die volgens mij zwaarder doorweegt dan deze coronacrisis. En ja, we hebben nu gezien dat digitalisering veel opportuniteiten biedt. Maar zullen we vanaf nu en massevan thuis uit werken? Dat denk ik niet. Want we hebben ook de beperkingen van telewerken ervaren. Hoofdpijn op het einde van de dag, het gemis van contacten met de collega’s, geen koffietje samen kunnen drinken na een vergadering… Ik verwacht wel een nieuw soort evenwicht waarbij enkele dagen thuiswerken wordt gecombineerd met enkele dagen op kantoor.”

“We merken dat de belangstelling voor kwalitatief wonen is toegenomen door corona”, zegt Luc Neefs van DCA. “Dat was zeker het geval tijdens de eerste lockdownperiode toen de mensen – letterlijk – in hun kot moesten blijven. In die zin heeft deze crisis dus een positief effect gehad op onze activiteiten. Sinds mei hebben we de verkoop zien stijgen. 2020 was ondanks corona een zeer goed jaar voor ons.”

Of corona ook nieuwe woontendensen heeft geïnitieerd? “Ja, de vraag naar buitenruimte – een tuin of een ruim, comfortabel terras – is duidelijk toegenomen. Maar dat is iets waar wij in het verleden sowieso al veel aandacht aan besteed hebben. Een andere belangrijke tendens is het thuiswerken. We verwachten dat die zich ook na de crisis zal doorzetten, want mensen hebben de voordelen ervan ontdekt. Een home office zou dan misschien wel eens een standaard onderdeel van de woning kunnen worden. Nu gebeurt thuiswerken nog vaak aan de keukentafel of aan een klein bureautje in de slaapkamer. Dat is niet ideaal. Een mogelijke oplossing is een extra ruimte voorzien en dus grotere appartementen of woningen bouwen. Maar dat druist volgens ons in tegen de trend naar compacter wonen. De statistieken en bevolkingsprognoses tonen een evolutie naar kleinere gezinnen en ook naar meer éénpersoonsgezinnen. De nood aan ruime wooneenheden neemt dus af. En vergeet ook niet het betaalbaarheidsprobleem: een compacte woning of appartement is gewoon een stuk goedkoper. Verder speelt ook een verschuiving in het uitgavenpatroon en de behoeften van mensen in de kaart van compacter wonen. Je ziet dat vooral in de steden, waar mensen de stad beleven als een soort verlengde van de huiskamer. Dat zijn allemaal trends die we al zagen voor corona en waarvan we geloven dat die zich nog zullen doorzetten eens deze gezondheidscrisis onder controle is.”

Dit pleidooi voor compacter bouwen en wonen lijkt in tegenspraak met het discours tijdens de eerste lockdown dat veel mensen zich opgesloten voelden in hun (te) kleine woning. Maar daar gaat Luc Neefs niet mee akkoord. “Het komt erop aan om slim te ontwerpen”, zegt hij. “Een groot maar slecht uitgetekend appartement kan veel minder comfortabel zijn dan een compact maar slim ontworpen appartement met een ruim terras. Je kunt ook enkele zaken op projectniveau realiseren. Om even terug te komen op de nood aan een home office: wij werken aan een oplossing om thuiswerkplekken onder te brengen in bijvoorbeeld de plint van een appartementenblok. Het home office bevindt zich dan wel in hetzelfde gebouw, maar niet in het appartement zelf. Dat zorgt overigens ook voor een betere scheiding van werk en privéleven.”

Heeft de coronacrisis ook een invloed op de locatievoorkeur van kandidaat-kopers  en -bouwers? “Ik kan alleen maar spreken vanuit onze ervaring, maar wij zien in ieder geval niet dat de buitenstedelijke projecten beter zouden verkopen dan onze binnenstedelijke projecten. Wat vandaag wel eens moeilijk verkoopt, is het verouderde appartement. En dan meer specifiek de appartementen zonder terras, met weinig lichtinval. Maar een goed gelegen stadsappartement, met een fijn terras, dat blijft een goed product, ook in deze coronatijden.”

“Op korte termijn heeft de coronacrisis een impact”, opent Stefan Hallez van Woningen Blavier. “Na de eerste lockdown hebben we een toeloop gezien op woningen met een tuin. Mensen die in een appartementje met een klein of zelfs helemaal geen terras woonden, snakten toen naar een woning met buitenruimte. Maar ik verwacht dat dit effect op langere termijn zal afzwakken. Op voorwaarde uiteraard dat we door de vaccins terug kunnen keren naar de maatschappij zoals we die kenden voor Covid-19. Op de langere termijn zal de impact beperkt blijven, denk ik. De uitzondering komt misschien van het telewerken, dat wel een grote kans heeft om een blijver te worden. Veel bedrijven hebben door de coronacrisis gedwongen kennisgemaakt met telewerken en hebben ook wel vastgesteld dat het werkt. En werknemers hebben ook de voordelen geproefd. Ik denk niet dat we over twee jaar nog collectief vier of vijf dagen van thuis uit zullen werken, maar ik kan me wel voorstellen dat een grotere groep mensen zal verkiezen om twee of zelfs drie dagen per week niet naar kantoor te pendelen. Dat kan dus wel eens een aandachtspunt worden bij het woningontwerp. Bijvoorbeeld in de wens om een kantoorruimte, al dan niet afgescheiden, in de woning in te passen. Tot nu toe was dat alleen aan de orde in de grotere villa’s of bij zelfstandigen en mensen met een vrij beroep.”

“Of een toename van het telewerken ook zal leiden tot een nieuwe stadsvlucht is momenteel moeilijk in te schatten. Het woon-werk-traject zal misschien wel minder doorwegen in de woning- en locatiekeuze. Maar de maatregel van de regering om de btw op afbraak en heropbouw te verlagen zal dan weer in het voordeel van de steden spelen. Gewoon omdat er  in een stedelijke context veel meer opportuniteiten zijn om via afbraak en heropbouw nieuwe woonsten te creëren aan aantrekkelijke prijzen. Dat zal de mogelijke negatieve impact van corona voor de steden ruimschoots compenseren.”

“Wij bouwen hoofdzakelijk op maat. Vooralsnog kan ik niet zeggen dat deze crisis ervoor heeft gezorgd dat mensen hun plannen hebben gewijzigd. Binnen onze projectontwikkelingsactiviteiten merken we wel dat er iets meer vraag is naar de woningen dan naar de appartementen. De woningbouw is voor projectontwikkelaars vandaag een dankbaar product. Als mensen gehaast zijn om van een appartement naar een grondgebonden woning te verhuizen, komen ze bijna automatisch bij projectontwikkeling terecht. Op maat bouwen is meer tijdrovend. Van de aankoop van de grond, over het indienen van de bouwvergunning tot het bouwen ben je al gemakkelijk twee jaar verder. In een project kan je met een beetje geluk al na zes maanden naar je nieuwe woning verhuizen.”

Dit artikel is verschenen in Top Bouw die beschikbaar is in pdf.

Interesse in een sectoranalyse?

De SectorTop is een analyse van de 50 grootste ondernemingen uit een specifieke sector. U krijgt rankings en grafieken voor 30 kerncijfers en ratio's op het vlak van rentabiliteit, solvabiliteit, liquiditeit en toegevoegde waarde. Nadien nemen we elk bedrijf afzonderlijk onder de loep, met de individuele trend per kerncijfer en mediaan van de sector. Info en bestellen

Terug
Inschrijven nieuwsbrief Uw advertentie in onze nieuwsbrief?
Infotheek
Prijzenobservatorium - Jaarverslag 2020

Prijzenobservatorium - Jaarverslag 2020
 

Zorgplicht

Zorgplicht

RVA - Jaarverslag

RVA - Jaarverslag 2020

 

Wetstraat
Recht op klein verlet bij toediening vaccin tegen Covid-19

Wet houdende toekenning van een recht op klein verlet voor werknemers met het oog op het toegediend krijgen van een vaccin ter bescherming tegen het coronavirus Covid-19 - BS 9 april, p. 31.925

Evenredigheidsbeoordeling bij beroepsreglementering in gezondheidssector

Wet betreffende een evenredigheidsbeoordeling voorafgaand aan de invoering of de wijziging van een beroepsreglementering in de gezondheidssector - BS 9 april, p. 31.932
 

Antigeen- en zelftesting

Wet inzake antigeen- en zelftesting - BS 7 april, p. 31.776