Vinden

Het lineaire denken en bouwen moet op de schop

De Belgische woningbouwsector krijgt vaak het verwijt conservatief te zijn. Innovatie en automatisering botsen er op tal van drempels en praktische bezwaren. Maar er lijkt nu toch één en ander te bewegen. Zorgen 3D-printing, modulair bouwen en circulair bouwen voor een revolutie op de werf? (Laurenz Verledens)

“Modulair bouwen is niet nieuw”, weet Paul Van Oyen, ceo van de Belgische bouwmaterialengroep Etex. “Maar het concept krijgt vandaag een heel nieuwe invulling.” Het klassieke modulair bouwen omschrijft hij als het ‘optrekken van gebouwen door het samenvoegen van twee- en/of driedimensionale off-site geassembleerde onderdelen, de modules’. Voorbeelden van tweedimensionale modules zijn wanden en plafonds. Een complete badkamer is een voorbeeld van een driedimensionale module.

“Industrialisatie is de grote nieuwigheid in het modulair bouwen van vandaag”, vervolgt Paul Van Oyen. “Die industrialisatie gaat hand in hand met een doorgedreven digitalisering.” De productiviteitswinst die daarmee gepaard gaat, verklaart volgens de ceo van Etex waarom modulair bouwen terug ‘in de mode is’. De belangstelling van Etex voor modulair bouwen werd acht jaar geleden getriggerd door de overname van de gipskartonactiviteiten van Lafarge. “Die overname heeft ons in de richting van de lichtgewicht constructie geduwd”, vertelt Paul Van Oyen “We zagen er ook een kans in om een groter stukje van de waardeketen in de bouw in te vullen.”

De geïndustrialiseerde versie van modulair bouwen biedt tal van voordelen tegenover het klassieke bouwen, meent Paul Van Oyen. “Het levert een geweldige tijdswinst op”, stelt hij. “De werfperiode wordt meer dan gehalveerd. Met een kraan kan je gemakkelijk tien flats per dag bouwen. Een industriële omgeving laat ook toe om veel nauwkeuriger te werken. Dat resulteert in een betere kwaliteit van de gebouwen. Daar komt bij dat modulair bouwen een oplossing biedt voor het tekort aan geschoolde vakmensen waarmee de traditionele bouw kampt. En als je digitaal modulair bouwt, heb je meteen ook een digitaal paspoort van het gebouw. Dat levert op zich ook weer tal van voordelen op naar het onderhoud, de gebruikservaring en de eventuele herbestemming of afbraak van gebouwen.”

Maakt het modulair bouwen 2.0 ook een kans om door te breken op de Belgische woningbouwmarkt? “Als we er met een Belgische bril naar hadden gekeken, dan hadden we er ons waarschijnlijk niet in geëngageerd”, antwoordt Paul Van Oyen. “De Belg wil een eigen huisje en elk huisje moet verschillend zijn. Maar dat wordt op termijn wishful thinking. Er zullen geen bouwgronden meer zijn en we zullen meer en meer in de steden moeten bouwen en wonen. En in die steden zal modulair gebouwd worden. In eerste instantie zal dat gebeuren bij de bouw van seniorenhuisvesting, studentenflats, ziekenhuizen, hotels enzovoort. Maar ook voor woningbouw komt die manier van bouwen onvermijdelijk op de voorgrond. Is het niet morgen, dan is het overmorgen.” Hij stelt de bouwende Belg tot slot nog gerust: een zekere graad van individualisering blijft mogelijk. “De digitale intelligentie laat toe om binnen zo’n repetitief model toch zeer creatief te zijn.”

Een woning uit de printer

Staat 3D-printen op het punt om door te breken in de bouw? In Dubai geloven ze er alvast in. Het emiraat heeft zichzelf de ambitie opgelegd om tegen 2025 een kwart van de nieuwbouw te printen. Wetende dat de bouwwoede in het snel groeiende Dubai nog lang niet geluwd is, is het een statement dat kan tellen. Zal het ook in ons land zo’n vaart lopen? Peter-Paul van den Berg, directeur van Kamp C, heeft een dubbel gevoel bij het groeipotentieel van 3D-printing in de bouwsector. “Ik geloof niet dat we hier op korte termijn huizen zullen printen”, zegt hij. “Maar”, voegt hij er meteen aan toe “misschien ben ik – tegen mijn gewoonte in – te voorzichtig. Want de evolutie gaat echt wel hard. Drie jaar geleden was 3D-printing nog wat gerommel in de marge. Intussen is het belang van 3D-printing exponentieel gegroeid en heb ik echt al wel gave realisaties gezien.”

Kamp C werkt zelf ook aan dergelijke ‘gave realisaties’. Aan de ingang van het Kamp herbergen enkele gestapelde containers een 3D-betonprinter, een constructie met een frame van 10 op 10 meter en een hoogte van 11,4 meter. Tijdens ons bezoek aan Kamp C is de printer aan het werk. Via het frame beweegt de printkop over een golvend betonnen bouwsel dat laagje per laagje aangroeit. Het is teamwerk met partners uit de wetenschaps- en bedrijfswereld (UGent, Thomas More hogeschool, Beneens, Etib/Concrete House, Groep Van Roey en Trias architecten) dat finaal moet resulteren in een woning met twee verdiepingen. “Met dat project willen we de Belgische bouwsector wakker schudden”, legt Peter-Paul van den Berg uit. “Daarom dat we de lat meteen hoog leggen. Door een huis met twee verdiepingen te bouwen, komen we op bekend terrein voor bouwbedrijven.”

Eén van de belangrijkste voordelen van 3D-printing is dat het minder materiaal vergt dan klassiek bouwen. “We zijn gewoon om massieve zuilen te bouwen, maar met zo’n printer print je alleen wat je nodig hebt”, legt van den Berg uit. “Daardoor kan je met aanzienlijk minder beton dezelfde sterkte bekomen. En in plaats van massieve muren te bouwen, print je dunne wanden waar je ruimte tussen laat voor leidingen en isolatie.” 3D-printing belooft ook een belangrijke winst in het aantal arbeidsuren op de werf. “Eénmaal zo’n printer goed werkt, heb je eigenlijk maar één iemand nodig om de knoppen te bedienen”, stelt de directeur van Kamp C.

Een grote vormvrijheid is een ander belangrijk voordeel. “Het schept mogelijkheden voor ontwerpen die heel moeilijk te bekisten zijn”, zegt Peter-Paul van den Berg. “En het is op dat terrein dat je de eerste commerciële toepassingen ziet verschijnen. In Den Helder in Nederland wordt een appartementsgebouw voorzien van sierlijk vormgegeven balkons die met een 3D-betonprinter vervaardigd worden.”

Hij ziet ook mogelijkheden in de seriebouw van noodwoningen in gebieden die getroffen zijn door een natuurramp. Maar hij verwacht dus niet dat de Belgische woningbouwers massaal de troffel zullen inruilen voor een printer. Waarom niet? “Tja, de baksteen in de maag van de Belg”, antwoordt van den Berg. Zowel de sector als de bouwende Belg zijn behoorlijk conservatief, weet hij. “Zo’n printer kost ook veel geld. Voor je daar in investeert, moet je als bouwbedrijf echt wel een sluitende business case hebben.”

Ook Joeri Beneens, ceo van bouwbedrijf Beneens – één van de partners in het project – verwacht niet meteen dat 3D-printen concurrentieel zal zijn voor meer klassieke vormen van woningbouw. “Maar we stellen in het project wel vast dat de leercurve enorm steil is. In het begin hadden we tien mensen nodig om te printen. Nu lukt het al met vier en dat moet kunnen evolueren naar twee.”

Circulaire omwenteling

“Circulair bouwen is dé verandering in de bouwsector”, stelt Peter-Paul van den Berg onomwonden. “Het is te vergelijken met wat Netflix is voor de audiovisuele sector of Tesla voor de autobranche. De bouwsector is al heel lang bezig met pogingen om te verduurzamen, maar heeft daarbij altijd teruggegrepen naar de kaasschaafmethode: een inspanning hier, een verbetering daar… Om echt vooruitgang te boeken, moet het hele lineaire denken en bouwen op de schop.”

De circulaire economie en bouw gebruikt grondstoffen en materialen op een slimme manier zodat ze steeds herbruikbaar blijven. Gebouwen worden zo ontworpen dat ze vlot aangepast en/of gedemonteerd kunnen worden. De materialen worden op een ‘droge’ manier met elkaar verbonden, met bijvoorbeeld kliksystemen of schroeven in plaats van met cement of lijm. Het gebouw zelf fungeert als een soort tijdelijke opslagplaats van materialen.

“Het is voor circulair bouwen essentieel dat het in zijn volledige breedte wordt toegepast”, benadrukt Peter-Paul van den Berg. “Als je er slechts één of enkele elementen uithaalt, heeft het weinig zin en wordt het al snel een vorm van greenwashing.” Peter-Paul van den Berg onderscheidt zeven pijlers waarop circulair bouwen steunt: de keuze en het gebruik van de materialen, het ontwerp, het aanbesteden, het business model, de financiering, de manier van werken en de gebiedsontwikkeling. Het moet allemaal met een circulaire insteek gebeuren.

Circulair aanbesteden noemt hij de sleutel om het concept ingang te doen krijgen in de sector. “Als je de bouwsector anders wil laten dansen, dan moet je eerst andere muziek opzetten”, citeert hij Erick Wuestman, voorzitter van de Stichting Circulaire Economie in Nederland. Kamp C geeft zelf het goede voorbeeld. Voor de bouw van het eerste circulaire bedrijvencentrum in ons land heeft Kamp C zelf een aanbestedingstraject uitgewerkt. “We zijn vertrokken van een vast budget”, licht van den Berg toe. “De kandidaten moeten daarmee een zo hoog mogelijk ambitieniveau halen. Als een aannemer dan zegt ‘Een miljoen euro? Ik kan dat voor 800.000 euro’, dan heeft hij het dus niet begrepen. Het is ook essentieel dat de kandidaten als een consortium aanbesteden. De aannemers, architecten, onderaannemers, studiebureaus werken vanaf het begin van het traject samen, kunnen zaken meteen met elkaar afstemmen waardoor je ook een heel andere dynamiek op de werf krijgt.”

Beneens is één van de partijen in de twee overblijvende consortia voor de bouw van het circulair bedrijfsgebouw op Kamp C. Joeri Beneens meent ook dat circulair bouwen de toekomst heeft. “Ik denk dat circulair bouwen heel snel zal doorbreken”, zegt hij. Hij verwijst naar aankomende Europese regelgeving die zich meer zal toespitsen op de totale CO2-belasting door gebouwen en die dus – naast het energieverbruik van het gebouw – ook het grondstofgebruik in het vizier zal nemen. Ook de dreigende uitputting van een aantal grondstoffen noopt de bouwsector om over te schakelen naar een duurzamer model.

“We zullen dus moeten kiezen voor materialen die ook in het productieproces weinig CO2 uitstoten”, vervolgt Joeri Beneens. “Beton en staal doen het op dat vlak niet zo goed. Baksteen eigenlijk ook niet, want je moet er klei voor bakken. Hout is wel interessant, ook omdat het goed herbruikbaar is. Als je met een schroefsysteem werkt, kan je het makkelijk demonteren en hermonteren, één van de vereisten voor circulair bouwen.”

Joeri Beneens is ervan overtuigd dat circulair bouwen ook in de klassieke woningbouw zijn weg wel zal vinden. “Met ons systeem kunnen we elk type hedendaagse woning op een circulaire manier bouwen”, stelt hij. “Het biedt trouwens ook het voordeel dat je een deel van de investeringskost kan omzetten in een onderhoudskost of een dienst. Zonnepanelen, de verlichting, zelfs de gevelpanelen: je kan dat allemaal als een dienst aanbieden. Dat kan nuttig zijn voor bijvoorbeeld jonge mensen die moeilijk een lening krijgen omdat ze nog niet lang genoeg werken. Het verlaagt hun financieringsbehoefte. Tegelijk vermijden ze onverwachte kosten. En de bouwmaterialen behouden hun waarde.”

 

Dit artikel is verschenen in Top Bouw, die beschikbaar is in pdf.

Interesse in een sectoranalyse?

De SectorTop is een analyse van de 50 grootste ondernemingen uit een specifieke sector. U krijgt rankings en grafieken voor 30 kerncijfers en ratio's op het vlak van rentabiliteit, solvabiliteit, liquiditeit en toegevoegde waarde. Nadien nemen we elk bedrijf afzonderlijk onder de loep, met de individuele trend per kerncijfer en mediaan van de sector. Info en bestellen

Terug
Inschrijven nieuwsbrief Uw advertentie in onze nieuwsbrief?
Infotheek
Nieuw Algemeen Reglement op elektrische installaties

Nieuw Algemeen Reglement op de elektrische installaties (AREI) wordt op 1 juni van kracht
 

European comparison of electricity and natural gas prices

A European comparison of electricity and natural gas prices for residential, small professional and large industrial consumers
 

FAQ gevolgen van coronacrisis op aanvullende pensioenen

FAQ over de gevolgen van de coronacrisis op de aanvullende pensioenen

Wetstraat
Misbruik economische afhankelijkheid - onrechtmatige bedingen - oneerlijke marktpraktijken

Wet tot wijziging van de wet van 4 april 2019 houdende wijziging van het Wetboek van Economisch Recht met betrekking tot misbruiken van economische afhankelijkheid, onrechtmatige bedingen en oneerlijke marktpraktijken tussen ondernemingen - BS 29 mei, p. 38.497

Consumentenkrediet: hoe de crisis te doorstaan

Wet betreffende het consumentenkrediet, teneinde de kredietnemers van dergelijke kredieten te helpen de door het coronavirus veroorzaakte crisis te doorstaan - BS 29 mei, p. 38.498

Wijziging bepalingen betreffende inschrijving in KBO en uitstel solden

Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Wetboek van economisch recht wat de inschrijving in de KBO en uitstel van de solden betreft - BS 29 mei, p. 38.501